Museum Palthehof is geopend vanaf Pasen tot en met de Herfstvakantie. Het museumseizoen loopt van Pasen tot en met de herfstvakantie. In de wintermaanden is het museum gesloten met uitzondering van een kortdurende thema-expositie in de kerstvakantie.
Museum Palthehof heeft een permanente expositie over Nieuwleusens verleden en een jaarlijks wisselende thema-exposities. Deze exposities worden hoofdzakelijk ingericht met materiaal dat van particulieren gedurende een jaar in bruikleen wordt verkregen. De tentoonstellingen worden in de plaatselijke pers aangekondigd. Nadere informatie kan ook worden verkregen via info@palthehof.nl
§ Permanente expositie
De vaste opstelling bestaat een collectie boerengereedschappen, huishoudelijke voorwerpen en kledingstukken uit het leven van de Nieuwleusener voorouders en de inventarissen van diverse kleine ambachtelijke bedrijfjes. Het museum bezit een omvangrijke collectie over Union rijwielfabriek, die vanwege ruimtegebrek helaas maar voor een klein deel kan worden getoond.
Daarnaast is het museum ingericht met een schoolklasje, een boerenkeuken en een 'mooie kamer'. Verder zijn er maquettes te zien van o.a. een Nieuwleusener boerderij en een schip dat vroeger door het kanaal de Dedemsvaart zijn lading turf vervoerde.
Er is ook een diaklankbeeld over de geschiedenis van Nieuwleusen.
De fotoboeken met school- en groepsfoto’s zijn een belangrijke informatiebron voor (voornamelijk Nieuwleusener) geïnteresseerden. Gegevens van geboorten, huwelijken en overlijden in Nieuwleusen kunnen eveneens geraadpleegd worden.
Voorgaande seizoenen:
Vanaf de opening in 1998 heeft museum Palthehof elk seizoen een thema-expositie gehouden. Enkele aandachttrekkende exposities waren:
TENTOONSTELLING 2011

Dit seizoen is een tentoonstelling ingericht van poëziealbums en stripboeken onder de titel “Lieve Woordjes en Stoere Helden”. Er zijn zo’n 175 poëziealbums te zien. Het oudste album dateert van 1882 terwijl het jongste album pas in 2006 is begonnen. In de tentoongestelde poëziealbums is een grote verscheidenheid aan versjes te vinden. Naast de gebruikelijke zijn dat ook eigengemaakte versjes. Sommige daarvan zijn helemaal toegeschreven op de bezitster van het album. Anderen bevatten verwijzingen naar min of meer bekende gedichten. Iedereen kent natuurlijk het alom bekende Rozen verwelken. Een versje met een duidelijke knipoog naar dit bekende gedichtje is op de tentoonstelling te zien: “Kousen verslijten, sokken vergaan, maar …”. Naast versjes die een enkele bladzijde beslaan, wat algemeen gebruikelijk was, is er ook een vers van maar liefst vijf bladzijden. Dit gedicht “Ter herinnering van, Uw buurman Pieper Jan” is gedeeltelijk gebaseerd op oude Nederlandse dichtregels.
De tentoongestelde poëziealbums beslaan een tijdperiode van zo’n 125 jaar. Over al die jaren is een duidelijke verandering in het gebruik van de albums te zien. Er zijn ook enkele generaties albums aanwezig, variërend van twee tot zelfs vijf generaties. Eveneens bijzonder is een album uit het begin van de oorlog waaruit alle plaatsjes zijn verwijderd om deze in die jaren opnieuw te gebruiken in de albums van vriendinnen van de bezitster. Het gebruik van plaatjes bij de versjes was zo’n honderd jaar geleden niet vanzelfsprekend. Versjes in sommige wat oudere albums zijn dan ook lang niet altijd van plaatjes voorzien.
Naast de poëziealbums zijn er op de tentoonstelling meer dan 300 stripboeken te zien. Hiertoe behoren naast de bekende strips als Donald Duck en Kuifje ook de oudere strips als bijvoorbeeld Eric de Noorman, Kapitein Rob en Dick Bos. De stripboeken zijn eveneens in vitrines tentoongesteld, zodat ze niet kunnen worden ingezien. Wel liggen op tafel een aantal wat jongere stripboeken waarin dat wel mogelijk is. Deze zijn eigendom van het museum. Al de andere strips en ook de poëziealbums zijn eigendom van particulieren en zijn op de op oudejaarsdag gehouden inbrengochtend tijdelijk uitgeleend aan museum Palthehof.
-2009 "Met dank aan de baron"
In 2009 is het precies tweehonderd jaar geleden dat Willem Jan Baron van Dedem de aanzet gaf tot het graven van een kanaal dat later zijn naam zou krijgen: Dedemsvaart. Op 9 juli 1809 ging bij Hasselt de eerste spa de grond in. Jaren later werd de Vecht bij Ane bereikt, het eindpunt van het levenswerk van de Baron.
(De gemeente) Nieuwleusen heeft veel aan het kanaal te danken. De ontwikkeling van Den Hulst was niet zo geweest zonder het kanaal. Voordat het kanaal er was, stonden er niet meer dan hier en daar wat boerderijtjes in een vrij onontgonnen gebied. Na het graven kwam de industrie om de hoek kijken. Het kanaal was van groot belang voor de aan- en afvoer van producten. Een bedrijf als Union had zijn bestaan, zeker in de beginjaren, mede te danken aan deze vervoersmogelijkheid. Ook werd er door de landbouwcoöperatie dankbaar gebruik van gemaakt voor de aanvoer van veevoer en meststoffen per schip.
Aan het eind van de jaren 60 werd het besluit genomen tot sluiting van het kanaal en gedeeltelijke demping. Het beeld van de omgeving veranderde totaal. Trots was men op de snelle verbinding. Trots zou men nu nog geweest zijn op de aanwezigheid van het kanaal!
Het 200-jarig jubileum is voor museum Palthehof aanleiding om in 2009 een tentoonstelling over het kanaal en zijn omgeving te houden. De tentoonstelling zal bestaan uit maquettes, tekeningen, schilderijen, papieren en ander materiaal dat betrekking heeft op het kanaal, de bedrijven en gebouwen en de bewoners langs de Dedemsvaart.
De titel van de tentoonstelling is: “Met dank aan de baron”, een tentoonstelling rond het kanaal de Dedemsvaart dat belangrijk was voor de ontwikkeling van Nieuwleusen.
- 2008 “Poppenlief en berenleed”
Onder deze titel logeerden ongeveer een 600-tal poppen en beren in het museum. Hieronder bevonden zich ook een vijftigtal poppen die door het Koninklijk Huisarchief in Den Haag voor deze tentoonstelling werden uitgeleend. Met name Koningin Juliana kreeg tijdens haar werkbezoeken in binnen- en buitenland regelmatig een pop cadeau. Ook tijdens de defilés op haar verjaardag op paleis Soestdijk kreeg ze vaak een pop aangeboden. De poppen, meest in traditionele kledij uit de streek of het land van herkomst, worden in het Koninklijk Huisarchief bewaard. Omdat ze zelden aan het publiek worden getoond was het dan ook uniek dat ze in Nieuwleusen te zien waren. Tijdens de tentoonstelling bleek dat er veel verzamelaars zijn. Maar ook anderen, zowel volwassenen als kinderen, hebben volop herinneringen aan de pop of beer waar ze vroeger mee hebben gespeeld. Het was dan ook een feest van herkenning om de grote variatie van het tentoongestelde te bekijken. Vele verhalen werden verteld over poppen en beren waarmee werd gespeeld en waarom werd gevochten met als resultaat dat het kapot raakte. Of hoe je je verdriet er bij kwijt kon of hoe je knuffel mee naar bed moest omdat je anders niet kon slapen. Voor anderen is een pop een kostbaar bezit (geweest) waar niet of nauwelijks mee gespeeld mocht worden. Kortom, een geslaagde tentoonstelling.
- 2007 "De tijd verglijdt"
Dit is de titel van de tentoonstelling over het thema overlijden en begraven. De aanleiding voor deze tentoonstelling is het 80-jarig bestaan van de Onderlinge Begrafenisvereniging “Nieuwleusen en omstreken”. Er is geprobeerd in de expositie tot uitdrukking te laten komen hoe de veranderingen rond dit thema zich in de afgelopen 80 jaar in Nieuwleusen en omgeving hebben voltrokken. In de tentoonstelling zijn voorwerpen en materialen te zien die te maken hebben met overlijden en begraven zoals dat in deze omgeving gebruikelijk was. Tentoongesteld zijn onder andere rouwkleding, -drukwerken, -serviezen en stukken met betrekking tot boedelverdelingen.
Naast het gebeuren in Nieuwleusen is er ook algemene aandacht voor het thema. Te zien zijn onder andere een serie van 16 prenten van de rouwstoet van Anna van Hannover in 1759. Zij was de echtgenote van prins Willem IV in 1759. Ook van zijn rouwstoet in 1751 zijn prenten gemaakt. Op de expositie is een exemplaar te zien van het boek waarin deze prenten zijn opgenomen. Verder zijn er unieke voorwerpen te zien zoals bijvoorbeeld een haarschilderijtje en een drukpers voor rouwlinten.


- 2006: "Een blik waardig"
Blikverpakking is onmisbaar in het dagelijks leven. Sinds
jaar en dag wordt er gebruik gemaakt van blik om producten in te verpakken of om
iets in te bewaren en op te bergen. Het kan niet anders of er zijn dan ook
blikken en trommels in allerlei
soorten en maten: koffie- en theeblikken,
cacao-blikken, blikken voor bonbons, Zwolse balletjes of Haagse hopjes e.d.,
blikken voor sigaren en sigaretten, winkelblikken, beschuitbussen, blikken om
koek en koekjes in te bewaren, blikken voor etenswaren, voor smeerolie, voor
maagpoeder, voor bandenreparatiespulletjes, voor zalf, voor kroontjespennen,
voor …, ja voor wat al niet.
De tentoonstelling is samengesteld uit ongeveer 1500 grote en kleine zowel oude als nieuwe en eenvoudige als bijzondere en unieke blikken en trommels van bekende merken als merkloos.
- 2004: "Ge rijdt als vanzelf", 100 jaar Union fietsen uit Nieuwleusen
Het
honderdjarig bestaan van Union rijwielfabriek was de aanleiding om in een
tentoonstelling aandacht te vragen voor Union. De titel refereert aan de
reclameslogan die de fabriek jarenlang gebruikte. Het was een succesvolle
tentoonstelling, waarin veel eigen materiaal van het museum kon worden getoond.
Helaas moest dit aan het eind van het seizoen weer worden opgeslagen totdat de
geplande uitbreiding van het museum heeft plaatsgevonden.
Toen Berend Jan van den Berg en Hermina Johanna Theodora Hennink op 27 juli 1904 trouwden gingen ze wonen in Den Hulst aan het kanaal de Dedemsvaart, waar een woonhuis met winkel voor hen was gebouwd. Onder de naam Firma B.J. van den Berg werd gehandeld in huishoudelijke artikelen, bouwmaterialen en fietsen. De fiets was een betrekkelijk nieuw vervoermiddel in die tijd en daarom werden er ook fietslessen aangeboden.
Na eerst fietsen te hebben geïmporteerd, werd in 1911
begonnen met de fabricage van eigen fietsen onder de naam Union. De naam was
afkomstig van een schip dat men zag varen 'Union on fait force" (Eendracht maakt
macht). Omdat de zaken goed gingen, kon er in 1914 een nieuw fabriekspand worden
gebouwd dat, met de nodige uitbreidingen en verbouwingen, heeft bestaan tot in
1976 toen het oude deel van het complex door brand werd verwoest.
Nadat in 1917 de bedrijfsnaam officieel in Union Rijwielfabriek was omgezet, ging het bedrijf een toekomst tegemoet die gekenmerkt werd door voor en tegenspoed. Dat was natuurlijk mede een gevolg van de economische toestand in ons land.
De rijwielfabriek en de daaruit afgesplitste gelijknamige bouwmaterialenhandel zijn in het verleden voor Nieuwleusen van grote betekenis geweest.
Een uitgebreide indruk kan worden verkregen door op
de
link te klikken.
100jaar union
,
- 2003: "…… en een zoen van de juffrouw!"
Dit was de titel van de tentoonstelling over schoolplaten, lees- en rekenboekjes en andere materialen van het lager onderwijs in Nieuwleusen.
Iedereen
heeft aan zijn schooltijd bepaalde herinneringen, soms goede, soms minder goede.
Meestal zijn er over die tijd ook stoffelijke herinneringen bewaard, al was het
alleen maar het rapport, een leesboekje, een liedjesschrift of een schoolfoto
waarop je als kind in een bank zit voor een mooie oude schoolplaat.
Naast al dat materiaal was er veel te zien dat van scholen afkomstig is. Zo waren er niet alleen oude schoolbankjes, bord en telraam, maar ook een handwerkkast en een exclusieve kast met doosjes waarin producten uit de voormalige Nederlandse koloniën.
Naast de oude aardrijkskundige wandkaarten was op de
tentoonstelling een grote hoeveelheid prachtige oude schoolplaten te zien.
Menigeen
zal ze van zijn of haar schooltijd herkend hebben, de indrukwekkende
platen die de wanden van het klaslokaal sierden. Met onderwerpen als Karel V,
Luther, Een middeleeuws klooster, Belegering van een kasteel, en die over de
natuur: In de weide, In de duinen, Vogels in de winter, enz. Op de
tentoonstelling waren enkele tientallen van deze oude schoolplaten te zien.
- 2001: "Er steekt meer achter ..."
Merklappen
en letterdoeken zijn er in Nieuwleusen in grote getale geweest en staan nog
steeds in de belangstelling. Merktekens waren nodig om het linnengoed van eigen
merken, later initialen, te kunnen voorzien. Eeuwenlang leerden meisjes op jonge
leeftijd het bord uren door een merklap of letterdoek te maken. In de
tentoonstelling was fraai materiaal te zien, zowel oud als nieuw. Niet alle
merklappen en letterdoeken kwamen uit Nieuwleusen. Ook van buiten de plaats
waren er een aantal aanwezig. Hoewel de meeste merklappen en letterdoeken in
Nieuwleusen zijn gemaakt, zijn op de meeste oude doeken naast de
in die tijd gangbare motieven alleen initialen geborduurd. Op enkele nieuwere
doeken was overigens wel iets van Nieuwleusen te zien, o.a. het gemeentehuis en
enkele boerderijen.
Op de tentoonstelling waren ongeveer 125 merklappen en letterdoeken te zien die nagenoeg allemaal van particulieren in bruikleen waren verkregen. De getoonde doeken waren voor een deel thematisch opgesteld. Zo was er onder andere een hoek waar letterdoeken met bloemen, met name rozen, waren bijeengebracht, terwijl aan een andere wand de bijbelse taferelen hingen.